Reinigingsheffing
We streven er naar dat onze inwoners hun afval kwalitatief en kwantitatief goed (blijven) scheiden om zoveel mogelijk grondstoffen terug te winnen. Het taakveld afval is altijd een dynamisch dossier. Wij hebben nog steeds het motto “de vervuiler betaalt” hoog in het vaandel en willen dit verder verankeren in de toekomst.
Het diftar-systeem zetten we in 2026 voort, waarbij we de huidige grondslagen van de tarieven in stand houden. Dit betekent dat de systematiek van toerekenen van kosten naar vaste en variabele heffing gehandhaafd blijft, evenals het uitgangspunt van 100% kostendekkendheid. Waarbij de voor compensatie in aanmerking komende btw wordt meegerekend in het tarief conform artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet en artikel 15.33 van de Wet milieubeheer. De middelen die gegenereerd worden uit de reinigingsheffingen zijn derhalve niet vrij aanwendbaar, maar dienen ter dekking van kosten voor afvalinzameling en - verwerking.
De huidige vergoeding voor Plastic+ vervalt per 31 december 2025. Momenteel wordt met de producenten die financieel verantwoordelijk zijn voor het verwerken van deze stroom onderhandeld over nieuwe afspraken. De inkomsten voor 2026 zijn geraamd op basis van de verwachte vergoedingen, die afhankelijk zullen zijn van de kwaliteit van het ingezamelde PMD. Op het moment dat de nieuwe vergoeding bekend is, zal de raming aangepast worden.
Bij diftar bestaat de tariefstelling uit een variabel en een vast gedeelte. De hoogte van het variabele gedeelte wordt bepaald door het aantal aanbiedingen van de container voor restafval (of aantal inworpen in de verzamelcontainer) en de omvang van deze container. Met het vaste tarief worden de algemene kosten van het taakveld afval, de kosten van de overige afvalstromen en de toe te rekenen kosten van andere taakvelden, zoals beschreven in deze paragraaf, gedekt.
Het variabele tarief wordt bepaald door de variabele kosten (inzameling en verwerking restafval) te delen door het te verwachten aantal aanbiedingen. Er bestaan hierbij drie mogelijkheden: 240 liter container, 140 liter container en 50 liter zak (ondergrondse verzamelcontainer). Naar verhouding is bij elk van de drie mogelijkheden het tarief gelijk. D.w.z. per aanbieding betaald iemand met een 240 liter minicontainer ca. 1,7 keer zoveel als iemand met een 140 liter minicontainer (240 liter/140 liter).
| Bedragen x € 1 | Mini container 240 liter 2025 |
Mini container 240 liter 2026 |
Mini container 140 liter 2025 |
Mini container 140 liter 2026 |
Afvalzak 50 liter 2025 |
Afvalzak 50 liter 2026 |
|---|---|---|---|---|---|---|
|
Vast tarief |
199,00 |
209,00 |
199,00 |
209,00 |
199,00 |
209,00 |
|
Variabel Tarief |
9,89 |
9,52 |
5,76 |
5,55 |
2,06 |
1,98 |
|
Woonzorgcomplex |
|
|
|
|
98,88 |
95,04 |
| Omschrijving (Bedragen x € 1.000) |
Begroot 2025 | Begroot 2026 |
|---|---|---|
|
Taakveld 7.3 Afval: Directe kosten, inclusief (omslag)rente excl. BTW |
4.105 |
4.369 |
|
Taakveld 7.3 Afval: Directe inkomsten excl. BTW |
-503 |
-505 |
|
Bruto kosten taakveld(en) vóór inzet reserves |
3.603 |
3.863 |
|
Taakveld 0.10 Mutaties reserves |
0 |
0 |
|
Mutaties voorziening tarief egalisatie |
0 |
0 |
|
Netto kosten taakveld(en)
|
3.603 |
3.863 |
|
|
|
|
|
Taakveld 6.3 Inkomensregelingen: Kwijtschelding afvalstoffenheffing |
135 |
135 |
|
Taakveld 2.1 Verkeer en vervoer: Schoonhouden wegen 1/3 deel van de integrale kosten |
75 |
75 |
|
Taakveld 2.1 Verkeer en vervoer: Zwerfafval 1/3 deel van de integrale kosten |
66 |
62 |
|
Taakveld 0.4 Overhead: Overhead inclusief (omslag-)rente |
64 |
64 |
|
Toe te rekenen compensabele BTW op de directe kosten en opbrengsten |
629 |
664 |
|
Totale kosten |
4.571 |
4.864 |
|
|
4.571 |
4.864 |
|
Dekkingspercentage |
100% |
100% |